Gebaseerd op meerdere jaren van uitwisseling en praktijkervaring, biedt deze trombonemethode een flexibel en stimulerend kader om de eerste leerstappen te begeleiden. In plaats van een "starre" methode, omarmt ze een evolutieve visie: de docent kan de voortgang aanvullen, herstructureren of personaliseren om deze aan te passen aan zijn context (conservatorium, muziekschool, vereniging, privélessen) en aan de werkelijke behoeften van de leerling.
De aanpak legt de nadruk op de essentiële fundamenten vanaf het begin: actief luisteren, houding, ademhaling, en vooral het plezier van spelen. Muzikaliteit wordt niet behandeld als een eindfase, maar als een rode draad die elke technische verwerving begeleidt. Deze benadering stimuleert een bewustere praktijk, waarbij de jonge trombonist begrijpt wat hij doet, met vertrouwen vooruitgaat en goede instrumentale reflexen ontwikkelt.
Er is een duidelijk raamwerk om de sessies te organiseren, de leersituaties te variëren en de autonomie te bevorderen naarmate het werk vordert. De auteurs bepleiten een pedagogiek die zowel zorgzaam als veeleisend is, gevoed door het erfgoed van de docenten die hen inspireerden. Het resultaat: een levendig pedagogisch hulpmiddel, ontworpen om solide basis te bieden en tegelijkertijd veel ruimte te laten voor exploratie, nieuwsgierigheid en persoonlijke inleving.